De te voeren gerechtelijke procedure

Indien een belastingplichtige het oneens is met de aan hem opgelegde aanslag dient hij tegen de aanslag bezwaar te maken binnen een termijn van 6 weken. Deze termijn van 6 weken is ruim verstreken. Voor iedere betaling vóór 1 mei 2009 geldt dat in ieder geval. Deze rechtsgang is daarmee afgesloten.
 
Dit betekent dat de vordering van de Stichting jegens de Staatssecretaris van Financiën, althans de Staat der Nederlanden, zal moeten worden gebaseerd op onrechtmatig handelen (artikel 6: 162 BW).
De taak van de civiele rechter in het bieden van rechtsbescherming tegen gedragingen van de overheid is van aanvullende aard. De civiele rechter is bevoegd kennis te nemen van dergelijke geschillen (artikel 112, lid 2 Grondwet). De Hoge Raad huldigt daartoe een ruime opvatting. Beslissend is volgens de Hoge Raad het recht waarin de aanlegger vraagt te worden beschermd. Het is voldoende dat de eiser stelt slachtoffer te zijn van een onrechtmatige overheidsdaad.
 
Voor een succesvolle vordering op grond van onrechtmatige daad moet in ieder geval worden voldaan aan de volgende vereisten:
 
-           onrechtmatige daad (inbreuk op een recht dan wel een doen of nalaten in strijd met de
            wettelijke plicht of met hetgeen volgens ongeschreven recht in het maatschappelijk
            verkeer betaamt), een en ander behoudens een rechtvaardigingsgrond;
-           toerekening aan de dader;
-           schade;
-           causaal verband tussen de onrechtmatige daad en de schade;
-           relativiteit (geschonden norm strekt tot bescherming van de geleden schade).
 
Aan dit vijftal vereisten wordt voldaan. Door de heffing van belasting zonder toepassing van de vrijstelling is, zoals het Hof  ’s-Gravenhage in zijn arrest van 1 mei 2009 heeft geoordeeld, sprake van een ongelijke behandeling van gelijke gevallen waarvoor geen rechtvaardiging bestaat. Dit discriminatoir handelen van de overheid valt als een onrechtmatige daad te kwalificeren. De overheid handelt daarmee immers in strijd met haar wettelijke plicht.